Berlin 00:00:00 London 00:00:00 New York 00:00:00 Chicago 00:00:00 Los Angeles 00:00:00 Shanghai 00:00:00
members login here
Region
Country / State
City
Genre
Artist
Exhibition

aeroplastics contemporary: In My Solitude - 16 Nov 2007 to 12 Jan 2008

Current Exhibition


16 Nov 2007 to 12 Jan 2008
Hours : Wednesday-Saturday 2-6 pm
Aeroplastics Contemporary
32 rue Blanche
1060
Brussels
Belgium
Europe
p: 32 2 537 22 02
m:
f: 32 2 537 15 49
w: www.aeroplastics.net











Web Links


Aeroplastics Contemporary

Artist Links


G - BRECHT
Jimi Dams
Daniele Buetti
CARLOS AIRES



Artists in this exhibition: Suzan Opton, Jens Semjan, Larry Clark, Dennis Kardon, David Kramer, Nazanin Pouyandeh, David Humphrey, Andrew Guenther, Alan Xie Caomin, Bonnie Collura, Juliet Jacobson, Jim Shaw, Jimi Dams, Dominic Mc Gill, Gao Shiqiang, Dong Wensheng, Chen Wei, Zhou Xiahou, Karine Marenne, Pépé Smit, Gerard Malanga, Norbert Briar, Bert Teunissen, Malick Sidibé, Cindy Sherman, Isabelle Lévénez, Pierre Radisic, Laurie Simmons, Andreas Slominski, Gavin Turk, Dana Wyse


Betekent de term ‘eenzaamheid’ nog iets in een maatschappij waarin mensen onderling met elkaar verbonden zijn zoals nooit tevoren in de geschiedenis? De hier geëxposeerde werken proberen niet meteen deze vraag te beantwoorden, ze reflecteren wel, elk op zijn manier, over de uniciteit van de mens, zijn conflicten of medeplichtigheid met de anderen en de wereld: ‘Eenzaamheid is de ultieme kern van het menselijk bestaan. De mens is het enige wezen dat zich eenzaam voelt en op zoek gaat naar de ander.’ (O. Paz)

Voor de reeks ‘Soldiers’ fotografeerde Suzan Opton Amerikaanse soldaten die terugkeerden uit Afghanistan. Bij de foto’s worden een naam en het aantal aan het front doorgebrachte dagen vermeld. Elk individu is uniek, net als de ervaring van de ene, verschilt van die van de andere. Achter de open of gesloten ogen van deze close-ups die op de grond liggen, lijkt de oorlog voort te duren. Legers over de hele wereld kunnen de solidariteit verheerlijken zoveel ze willen, het resultaat is altijd nog wat meer eenzaamheid. In Hollywoodfilms als The deer hunter en Full Metal Jacket werd deze paradox tot in het absurde uitgewerkt. Met zijn ‘Vietnam The Movie’ grijpt Jens Semjan terug naar een emblematische scène van laatstgenoemde film – of veeleer, naar meerdere scènes, want het gaat om een collage halfweg tussen bewegend en stilstaand beeld. Door zijn panoramisch formaat verwijst het werk tegelijkertijd naar de kunstgeschiedenis en schilderijen van veldslagen, een genre dat vandaag vervangen is door de film en dat getuigt van de morbide fascinatie die de oorlog al altijd op mensen heeft uitgeoefend. Deze aantrekkingskracht van de dood is ook een kenmerk van de overgang naar de volwassenheid, zoals Larry Clark dat in zijn reeks ‘Dead’ laat zien. Met ‘Teenage Lust’ bestudeert hij de schijnbare onbezorgdheid van adolescenten die met seks en drugs experimenteren. We moeten deze beelden bekijken in de bredere context van zijn werk, dat het koortsachtige zoeken van adolescenten om bij een groep te horen onderzoekt. Vermits hij minderjarigen als model gebruikt, heeft het werk van Clark al vaak voor controverse gezorgd. Dennis Kardon lijkt deze controverses rond politieke correctheid op de korrel te nemen door zijn personages verschillende proporties te geven (‘Pop Quiz’, 2005), wat bij de toeschouwer een zeker onbehagen opwekt. Het storende element in de schilderijen van David Kramer ontstaat door het ineenschuiven van reproducties van erotische of pornografische beelden – van jonge vrouwen, altijd alleen – en een begeleidende tekst die echter nooit een beschrijving is van de beelden. Zijn werk is enigszins verwant aan dat van Nazanin Pouyandeh wiens iconografie geïnspireerd is door grote met de hand geschilderde filmaffiches en propagandaportretten op de gevels van gebouwen in Teheran: ‘Elk personage heeft zijn eigen wereld en wordt door juxtapositie met de anderen geconfronteerd. Het is veeleer de compositie dan de situatie die de conflicten doet ontstaan. Deze bezorgde wezens zijn getuige van een gebeurtenis die niet wordt onthuld. Ik speel constant met de spontane en naïeve ideeënassociaties van de toeschouwer. Ik ensceneer elementen uit de realiteit, maar het is niet de realiteit die ik wil schilderen. Er blijft slechts een gemompel van over.’ Ook de composities van David Humphrey zijn op juxtapositie gebaseerd: naar verluidt begon Dwight Eisenhower op aanraden van Churchill te schilderen – een bij uitstek eenzaam tijdverdrijf... Maar deze doeken die gekenmerkt zijn door de ‘pathologie van het normale’, weerspiegelen tegelijk ook een bepaalde ideologie. Door ze te kopiëren en ze daarna voor zijn reeks ‘Ike and Me’ te modificeren, nodigt Humphrey de toeschouwer uit om verbanden te zoeken tussen de banaliteit van de onderwerpen en de heersende sociale structuren waaruit ze zijn voortgekomen.

Voor Andrew Guenther is het ongebreidelde consumentisme een van die structuren. In zijn composities onderzoekt hij de statusverandering van de eerste de beste consumptieartikelen – bijvoorbeeld goedkope zonnebrillen – vanaf het moment dat ze vanuit de rekken van de winkel in de dagelijkse wereld terechtkomen. Voor de kunstenaar worden ze even ‘vreemd’ als de personages die ze dragen – de consumenten. De schilderijen van Alan Xie Caomin gaan onrechtstreeks over hetzelfde thema. Hij vermengt aan verschillende media – vooral televisie en internet, de belangrijkste vectoren van commerciële publiciteit – ontleende beelden, met het klassiekere medium schilderkunst om zo bevreemdende individuen te creëren die gevangen zitten in een wereld die ze zelf niet meer controleren, maar die hen controleert. Het internet wordt door talrijke culturele referenties doorkruist, of brengt ze samen of confronteert ze met elkaar, zoals in de sculpturen van Bonnie Collura, waarin Mickey Mouse en de Griekse mythologie, de Italiaanse renaissance en feeërieke sprookjes elkaar ontmoeten. Het internettijdperk is ook dat van de opsplitsing van individuen door middel van hun fictieve identiteiten: ‘through bilocation phantasms meet, bodies meet and become lovers, birthing the self’ [Door bilocatie ontmoeten fantasmen elkaar, lichamen ontmoeten elkaar en worden geliefden, en geven leven aan het zelf] schrijft Juliet Jacobson wiens werk op deze ontdubbeling gebaseerd is. **[in het Frans staat: déboulement – moet dat niet dédoublement zijn?]**

De vervormingen in de composities van Jim Shaw en ook in die van Jimi Dams doen denken aan de waarnemingstoornissen of dromen. Bij Dominic Mc Gill gaat het veeleer om droomachtige extrapolaties waarin fragmenten van de werkelijkheid en de verbeelding met alkeer worden vermengd.

In zijn recente video’s onderzoekt Gao Shiqiang het statuut van het individu in zijn verhouding tot de gemeenschap en dit in de context van de grote veranderingen in het huidige China. Hetzelfde uitgangspunt ligt aan de basis van de foto’s van Chen Wei en Dong Wensheng. Deze laatste vermengt invloeden van de traditionele Chinese schilderkunst met een reflectie over de ontwikkeling van het individu in een specifieke omgeving. In zijn animatiefilm concentreert Zhou Xiahou in één beeld en in één lichaam de twee polen van een liefdesrelatie. Man en vrouw ontmoeten elkaar en komen met elkaar in botsing, een conflict dat met humor en lichtheid wordt behandeld. Dit laatste geldt ook voor de video van Karine Marenne die een onderdeel is van haar project ‘Caravan of Love’. Deze bewegende en levende sculptuur benadert op humoristische en tegelijk ernstige wijze vragen over vrouwelijkheid en het huwelijk: is de vrouw aan de haard, alleen tussen de weldaden van haar elektrische huishoudapparaten, niet goed beschut tegen aanvallen van melancholie of waanvoorstellingen? Stereotypes over vrouwelijkheid liggen ook aan de basis van het werk van Pépé Smit zoals blijkt uit haar gemaquilleerd zelfportret in de lijst van een museum voor moderne en hedendaagse kunst.

De foto’s van Gerard Malanga getuigen van de eenzaamheid van hun modellen die op het toppunt van hun succes zijn: Andy Warhol, Iggy Pop, William Burrough, maar vooral Edie Sedgwick, alleen in een Photomaton-cabine. Bij Norbert Briar echter, zijn de geportretteerden even anoniem als het decor, dat precies omwille van zijn banaliteit is gekozen. Hoewel hun eenzaamheid absoluut lijkt, brengt het verleidingsspel dat ze met de fotograaf aangaan, hen verbazend dicht bij de toeschouwer. De ‘domestic landscapes’ die Bert Teunissen in verschillende landen verwezenlijkte (België, Nederland, Japan...) zijn eveneens een ode aan de banaliteit, maar deze decors weerspiegelen tot in de kleinste details de persoonlijkheid van de modellen. In de portretten van Malick Sidibé toont iedereen zijn eigenheid door middel van zijn bezittingen: kleren, draagbare radio’s of bromfietsen. In haar reeks ‘bus riders’ waarin ze telkens andere ‘modellen’ belichaamt, amuseert Cindy Sherman zich ermee om dit principe een andere wending te geven. Het zelfportret ‘Narciss’ en andere foto’s van Isabelle Lévénez werden al eerder omschreven als ‘intimistische panorama’s’ en ‘portretten van emoties’. Datzelfde kunnen we zeggen over de ‘Pornscapes’ van Pierre Radisic die nochtans een totaal ander karakter hebben.

Het ‘Kaleidoscope House’ van Laurie Simmons is een poppenhuis bemeubeld door grote designers (Ron Arad, Karim Raschid, Jasper Morrisson, Le Corbusier, ...) en gedecoreerd met typische eigentijdse werken (Allan McCollum, Barbara Kruger, ...) (in zijn eenvoudige vorm te koop in de winkel). Het is een spectaculaire samenvatting van de eenzaamheid van een familie die veroordeeld is te leven in een voor haar samengesteld decor – zelfs het speelgoed van de kinderen bestaat uit zeldzame en dure objecten. Een soort gouden kooi in tegenstelling tot de valstrikken die Andreas Slominski neerzet – allusies op de verleidelijke en misleidende aard van de kunst –, en die niet verhullen dat ze bedoeld zijn om iemand op te sluiten.

Ongetwijfeld is Gavin Turk bekender in de wereld van de hedendaagse kunst dan Ian Rank-Broadley. Het werk van deze laatste, die beeltenissen van koningin Elisabeth ontwerpt voor het geld van het Verenigd Koninkrijk, wordt nochtans dagelijks door miljoenen Engelsen bekeken... Maar het is de naam van Turk die we onthouden, hoewel hij slechts één van die stukken vergrootte tot een stuk van vijftig cm diameter en dit op vijf exemplaren in massief brons liet gieten. Mocht deze onrechtvaardigheid en de eenzaamheid van de onbegrepen kunstenaar te zwaar wegen voor Rank-Broadley, is er een oplossing: de pil ‘Accept That You're Absolutely Alone’ van Dana Wyse.

P-Y Desaive




SIGN UP FOR NEWSLETTERS
Follow on Twitter

Click on the map to search the directory

USA and Canada Central America South America Western Europe Eastern Europe Asia Australasia Middle East Africa
SIGN UP for ARTIST MEMBERSHIP SIGN UP for GALLERY MEMBERSHIP